De regenboog is niet slechts een natuurverschijnsel. God noemt hem “Mijn boog”. Hij verschijnt na wateroordeel, wordt verbonden met Gods heerlijkheid in Ezechiël en staat rondom de troon in Openbaring. De boog wijst naar Gods trouw, majesteit en uiteindelijk naar het Lam.
De regenboog rondom Gods troon
Van Genesis 9 tot Openbaring 4: de regenboog is Gods verbondsteken, verbonden met oordeel, genade, wolk, licht en troon.
De regenboog wordt vaak behandeld alsof hij slechts een natuurverschijnsel is.
Licht.
Waterdruppels.
Kleuren.
Een boog aan de hemel.
Maar de Bijbel begint niet zo.
De Bijbel begint met God Die spreekt.
En wanneer God voor het eerst over de regenboog spreekt, noemt Hij hem niet eerst een optisch verschijnsel.

Hij zegt:
“Mijn boog heb Ik gegeven in de wolken; die zal zijn tot een teken des verbonds tussen Mij en tussen de aarde.”
— Genesis 9:13
Dat is de basis.
Mijn boog.
Niet zomaar een boog.
Niet zomaar een kleurverschijnsel.
Niet zomaar iets moois na regen.
God noemt hem:
Mijn boog.
Daarmee wordt de regenboog direct een teken van God.
Een teken van verbond.
Een teken na oordeel.
Een teken tussen God en de aarde.
En later in de Schrift blijkt dat de regenboog niet alleen in de wolk verschijnt. Ezechiël ziet de gedaante van de boog rondom de heerlijkheid des HEEREN. Johannes ziet een regenboog rondom Gods troon. En in Openbaring 10 verschijnt een sterke Engel uit de hemel met een regenboog boven Zijn hoofd.
Dat is geen toeval.
De Schrift voert de regenboog omhoog:
- van de wolk na de zondvloed;
- naar de heerlijkheid des HEEREN;
- naar de troon van God;
- naar de hemelse Engel met wolk, zon en vuur.
Daarom moeten wij de regenboog niet te klein maken.
De regenboog is volgens de Bijbel een hemels verbondsteken dat water, wolk, licht, oordeel, genade, heerlijkheid, firmament en troon met elkaar verbindt.
De eerste regenboog komt na wateroordeel
De regenboog verschijnt in Genesis 9 na de zondvloed.
Dat moet blijven wegen.
De context is niet romantisch.
De context is oordeel.
Genesis 7 zegt:
“In het zeshonderdste jaar des levens van Noach, in de tweede maand, op den zeventienden dag der maand, op dezen zelven dag zijn alle fonteinen des groten afgronds opengebroken, en de vensteren des hemels geopend.”
— Genesis 7:11
De vloed kwam van beneden en van boven.
Van beneden:
“alle fonteinen des groten afgronds”
Van boven:
“de vensteren des hemels”
Daarna wordt de aarde bedekt door water. Alle vlees buiten de ark sterft. De oude wereld vergaat door water.

Petrus zegt later:
“Door welke de wereld, die toen was, met het water van den zondvloed bedekt zijnde, vergaan is.”
— 2 Petrus 3:6
Dus wanneer de regenboog verschijnt, staat hij tegen de achtergrond van wereldgericht.
Dat is belangrijk.
De regenboog is niet alleen een teken dat het weer opklaart.
Hij is een teken dat God na oordeel spreekt over verbond, genade en bewaring.
Gods verbond met de aarde
Na de vloed zegt God:
“En Ik, ziet, Ik richt Mijn verbond op met u, en met uw zaad na u.”
— Genesis 9:9
Daarna:
“En met alle levende ziel, die met u is, van het gevogelte, van het vee, en van alle gedierte der aarde met u; van allen, die uit de ark gegaan zijn, tot al het gedierte der aarde toe.”
— Genesis 9:10
Dit verbond is breed.
Niet alleen met Noach.
Niet alleen met zijn zonen.
Maar ook met:
- zijn zaad na hem;
- alle levende ziel;
- gevogelte;
- vee;
- alle gedierte der aarde.
Daarna zegt God:
“En Ik richt Mijn verbond op met u, dat niet meer alle vlees door de wateren des vloeds zal worden uitgeroeid; en dat er geen vloed meer zal zijn, om de aarde te verderven.”
— Genesis 9:11
De regenboog hoort dus bij Gods verbond met de aarde na wateroordeel.
Dat maakt de boog kosmologisch en theologisch tegelijk.
Kosmologisch: hij staat in de wolken, tussen hemel en aarde.
Theologisch: hij is teken van Gods verbond en trouw.
De boog werd niet pas toen geschapen
Genesis 9 betekent niet dat God de regenboog pas ná de vloed als nieuw scheppingsonderdeel maakte.
Dat is belangrijk.
God had de schepping al voltooid.
“En God zag al wat Hij gemaakt had, en ziet, het was zeer goed. Toen was het avond geweest, en het was morgen geweest, de zesde dag.”
— Genesis 1:31
En:
“Alzo zijn volbracht de hemel en de aarde, en al hun heir.”
— Genesis 2:1
Dat woord moet blijven staan.
Volbracht.
De hemel en de aarde waren af.
Al hun heir was af.
Daarna wordt er geen nieuw scheppingswerk toegevoegd aan de voltooide schepping.
Dat is dezelfde kracht van het woord “volbracht” die wij ook bij Christus’ werk moeten laten staan:
“Het is volbracht.”
— Johannes 19:30
Volbracht is volbracht.
Daarom werd de regenboog niet pas na de vloed als nieuw scheppingsonderdeel gemaakt.
Licht was er vanaf Genesis 1.
Het uitspansel was er vanaf Genesis 1.
Wateren boven het uitspansel waren er vanaf Genesis 1.
De zon werd gesteld in het uitspansel vanaf Genesis 1.
De schepping was voltooid.
Maar Genesis laat wel zien dat de omstandigheden vóór de vloed anders waren.

Genesis 2 zegt:
“Want de HEERE God had niet doen regenen op de aarde, en er was geen mens geweest, om den aardbodem te bouwen.”
— Genesis 2:5
Daarna:
“Maar een damp was opgegaan uit de aarde, en bevochtigde den gansen aardbodem.”
— Genesis 2:6
Dat is een sleutel.
Vóór de vloed wordt de aarde niet beschreven als een wereld waarin regen functioneert zoals later. De aardbodem werd bevochtigd door een damp die uit de aarde opging.
Bij de vloed verandert de situatie drastisch.
De fonteinen van de grote afgrond breken open.
De vensteren des hemels worden geopend.
De oude wereld vergaat door water.

En daarna zegt God:
“Mijn boog heb Ik gegeven in de wolken…”
— Genesis 9:13
Dat is zeer sterk.
Genesis 9 presenteert de boog dus niet als een nieuw geschapen onderdeel van de schepping, maar als een bestaand scheppingsgegeven dat God na het wateroordeel aanwijst en geeft als verbondsteken in de wolken.
De schepping was al volbracht.
De functie van de boog als verbondsteken wordt na de vloed openbaar gemaakt.
Licht, water en uitspansel waren er al.
Maar na de vloed stelt God Zijn boog in de wolken als teken van Zijn verbond met de aarde.
Waarom verschijnt de boog pas na de zondvloed?
De Bijbelse volgorde is belangrijk.
Eerst:
“de HEERE God had niet doen regenen op de aarde”
— Genesis 2:5
Daarna:
“Maar een damp was opgegaan uit de aarde…”
— Genesis 2:6
Dan bij de vloed:
“de vensteren des hemels geopend”
— Genesis 7:11
En daarna:
“Mijn boog heb Ik gegeven in de wolken…”
— Genesis 9:13
Dat verklaart veel.
Als de aarde vóór de vloed niet door regen werd bevochtigd zoals daarna, dan was de zichtbare regenboog in de wolken ook niet aanwezig zoals daarna.
Niet omdat God de boog nog niet had kunnen maken.
Niet omdat de schepping onvolledig was.
Maar omdat God dit teken pas na het wateroordeel in de wolken geeft als verbondsteken.
De regenboog past dus bij de nieuwe zichtbare verhouding na de vloed:
- water van boven is geoordeeld en gesloten;
- wolken verschijnen als plaats van het teken;
- God belooft dat de wateren niet meer tot een wereldvloed zullen worden;
- Zijn boog verschijnt in de wolken als verbondsteken.
Dat is geen bijzaak.
De regenboog staat precies op het kruispunt van schepping, vloed, wateren boven, wolken, verbond en Gods trouw.
Mijn boog
God zegt:
“Mijn boog heb Ik gegeven in de wolken; die zal zijn tot een teken des verbonds tussen Mij en tussen de aarde.”
— Genesis 9:13
Let op ieder woord.
Mijn boog.
God eigent de boog toe.
Hij zegt niet slechts:
“Er zal een boog verschijnen.”
Maar:
Mijn boog.
Dat maakt de regenboog heilig in betekenis.
Niet heilig om aanbeden te worden.
Niet goddelijk.
Niet magisch.
Maar door God gegeven als teken.
Daarna:
“in de wolken”
De boog verschijnt in verband met wolken.
En:
“tussen Mij en tussen de aarde”
De boog heeft een verticale betekenis.
Hij staat in verband met God en aarde.
Niet alleen met menselijke waarneming.
Niet alleen met regen.
Niet alleen met atmosfeer.
Maar met God Die spreekt:
“tussen Mij en tussen de aarde.”
Dat is geweldig.
De regenboog staat in de schepping als teken van Gods woord.
God Zelf ziet de boog
Genesis 9 gaat nog verder.
“En het zal geschieden, als Ik wolken over de aarde breng, dat deze boog zal gezien worden in de wolken.”
— Genesis 9:14
Daarna:
“Dan zal Ik gedenken aan Mijn verbond, hetwelk is tussen Mij en tussen u, en tussen alle levende ziel van alle vlees; en de wateren zullen niet meer wezen tot een vloed, om alle vlees te verderven.”
— Genesis 9:15
En dan:
“Als deze boog in de wolken zal zijn, zo zal Ik hem aanzien, om te gedenken aan het eeuwig verbond tussen God en tussen alle levende ziel, van alle vlees, dat op de aarde is.”
— Genesis 9:16
Dit is indrukwekkend.
God zegt niet alleen dat mensen de boog zullen zien.
God zegt:
“zo zal Ik hem aanzien”
God Zelf ziet de boog.
En wanneer Hij hem aanziet, spreekt Hij over gedenken aan het eeuwig verbond.
Dat betekent dat de regenboog niet slechts een teken naar de mens is. Het is een door God ingesteld teken waarin Hij Zelf Zijn verbond noemt.
De boog staat dus tussen:
- God en aarde;
- hemel en wolk;
- wateroordeel en verbond;
- oordeel en genade;
- zien door mensen en aanzien door God.
Dat is veel groter dan een natuurverschijnsel.
Wat is nodig voor een regenboog?
De Bijbel geeft geen moderne optica-les.
Maar de gewone werkelijkheid laat wel iets zien.
Als iemand in een gebouw zonder ramen, zonder spiegeling en zonder weerkaatsend of brekend oppervlak een regenboogachtig kleurbeeld wil laten verschijnen, dan is alleen licht en nevel niet genoeg.
Er is een lichtbron nodig.
Er is water, nevel of fijne druppelvorming nodig.
En er is een spiegelende of brekende werkelijkheid nodig waardoor het licht zichtbaar wordt verdeeld.
Maar daar komt nog iets bij.
De vorm van het verschijnsel staat niet los van de vorm en werking van die spiegelende of brekende werkelijkheid.
Een prisma, spiegel, boogvormig oppervlak of gewelf geeft niet zomaar “kleur”, maar bepaalt ook hoe het lichtbeeld zichtbaar wordt.
Dat is belangrijk.
Buiten zegt men vaak eenvoudig:
zonlicht + regen = regenboog.
Maar binnen de Bijbelse kosmologie ontbreekt de spiegel niet.
En de vorm ontbreekt ook niet.
De Schrift zegt over de hemelen:
“Hebt gij met Hem de hemelen uitgespannen, die vast zijn als een gegoten spiegel?”
— Job 37:18
De hemelen zijn volgens de Schrift niet leeg.
Zij zijn uitgespannen.
Zij zijn vast.
Zij zijn als een gegoten spiegel.

De Schrift spreekt ook over de hemel als een gordijn en als een tent:
“Hij rekt den hemel uit als een gordijn.”
— Psalm 104:2
“Die de hemelen uitbreidt als een dunnen doek, en breidt ze uit als een tent om te bewonen.”
— Jesaja 40:22
Dat is hemelse vormtaal.
Een uitgespannen hemel.
Een tent boven de aarde.
Een vaste spiegelachtige werkelijkheid.
Daarom past de boogvorm van de regenboog juist bijzonder goed in de Bijbelse lijn.
Er is licht.
Er is water, nevel of wolk.
En er is het uitspansel: de door God gemaakte, uitgespannen, boogvormige, spiegelachtige hemelse werkelijkheid.
Binnen het moderne ruimtebeeld lijkt de regenboog te verschijnen zonder spiegel en zonder hemelse vorm.
Maar de Schrift geeft een andere orde.
De spiegel is er wel.
De vorm is er ook.
Het uitspansel is de spiegelachtige hemel boven de aarde.
Daarom is de regenboog niet zomaar een kleurverschijnsel “ergens in de lucht”. Hij verschijnt in de wolken, onder de hemel, als Gods boog in de zichtbare hemelse orde.
De Bijbelse elementen zijn aanwezig:
licht;
water;
wolk;
uitspansel;
gegoten spiegel;
hemels gewelf;
boog.
Dat maakt de regenboog niet minder wonderlijk, maar meer.
Hij is geen los natuurverschijnsel.
Hij is Gods boog in Gods hemel.
Waarom is het een boog?
God zegt niet:
“Mijn kleuren heb Ik gegeven in de wolken.”
Hij zegt:
“Mijn boog heb Ik gegeven in de wolken…”
— Genesis 9:13
De vorm hoort dus bij het teken.
De regenboog verschijnt niet als willekeurige kleurvlek.
Hij verschijnt als boog.
En die boogvorm past opvallend goed bij de Bijbelse hemeltaal.

De Schrift spreekt over een uitspansel dat God hemel noemt:
“En God noemde het uitspansel hemel.”
— Genesis 1:8
Zij spreekt over de hemel als een gordijn:
“Hij rekt den hemel uit als een gordijn.”
— Psalm 104:2
Zij spreekt over de hemelen als een tent:
“Die de hemelen uitbreidt als een dunnen doek, en breidt ze uit als een tent om te bewonen.”
— Jesaja 40:22
Job zegt dat de hemelen vast zijn als een gegoten spiegel:
“die vast zijn als een gegoten spiegel”
— Job 37:18
Ezechiël ziet een uitspansel als kristal:
“gelijk de kleur van het schrikkelijk kristal”
— Ezechiël 1:22
Openbaring toont een glazen zee als kristal voor Gods troon:
“een glazen zee, kristal gelijk”
— Openbaring 4:6
Binnen die Schriftlijn is het zeer begrijpelijk dat Gods boog zich aan de hemel als boog vertoont.
Als de hemel een uitgespannen, vaste, spiegelachtige werkelijkheid boven de aarde is, dan past de boogvorm bij het hemelse gewelf waarin het teken verschijnt.
De Bijbel geeft geen technische optica-les.
Maar zij noemt het teken wel een boog.
Zij plaatst hem in de wolken.
Zij verbindt hem met water en verbond.
Zij toont hem later rondom Gods troon.
De vorm is dus niet bijzaak.
De boogvorm hoort bij Gods teken.
Binnen de Bijbelse hemeltaal past die boogvorm bij het uitgespannen, vaste en spiegelachtige firmament boven de aarde.
De boog verschijnt niet als willekeurige kleurvlek, maar als boog onder het hemelse gewelf dat God uitspande.
De dubbele regenboog
Soms verschijnt er een dubbele regenboog.
Ook dat past bij het idee van weerkaatsing.
Een regenboog kan zichtbaar terugkomen via een spiegelende of weergevende werkelijkheid.
Binnen de Schriftlijn van een vaste, spiegelachtige hemel is het daarom niet vreemd om bij een tweede boog te denken aan hemelse weerkaatsing.
Job zegt immers dat de hemelen vast zijn:
“als een gegoten spiegel”
— Job 37:18
Ezechiël spreekt over een kristalachtig uitspansel.
Openbaring spreekt over een glazen zee als kristal.
De Bijbel legt het technische detail van een dubbele regenboog niet uit. Daarom wordt hier geen hoofdstelling van gemaakt.
Maar als observatie past het wel bij de Bijbelse taal van spiegel, kristal, glas en hemelse weerkaatsing.
De hoofdzaak blijft sterker en eenvoudiger:
God noemt het Mijn boog.
De boog verschijnt in de wolken.
De boogvorm hoort bij het teken.
En binnen de Bijbelse hemeltaal past die boogvorm bij het uitgespannen, vaste firmament boven de aarde.
De boog in de wolk
God zegt:
“Mijn boog heb Ik gegeven in de wolken…”
— Genesis 9:13
En:
“als Ik wolken over de aarde breng…”
— Genesis 9:14
De boog verschijnt in de wolk.
Ook dit is belangrijk.
In de Bijbel zijn wolken vaak verbonden met Gods aanwezigheid, leiding, oordeel en heerlijkheid.

De HEERE ging voor Israël uit in een wolkkolom:
“En de HEERE toog voor hun aangezicht, des daags in een wolkkolom, dat Hij hen op den weg leidde…”
— Exodus 13:21
Bij Sinaï was er een wolk:
“En de HEERE zeide tot Mozes: Zie, Ik zal tot u komen in een dikke wolk…”
— Exodus 19:9
De heerlijkheid des HEEREN verscheen in een wolk:
“Toen bedekte de wolk de tent der samenkomst; en de heerlijkheid des HEEREN vervulde den tabernakel.”
— Exodus 40:34
Christus zal komen op de wolken:
“En alsdan zal in den hemel verschijnen het teken van den Zoon des mensen; en dan zullen al de geslachten der aarde wenen, en zullen den Zoon des mensen zien, komende op de wolken des hemels, met grote kracht en heerlijkheid.”
— Mattheüs 24:30
De wolk is dus in de Schrift vaak meer dan weer.
En precies in de wolk geeft God Zijn boog.
Daarom moet de regenboog niet worden losgemaakt van Gods hemelse taal.
De boog en het water
De regenboog komt na de vloed.
Hij verschijnt in de wolken.
Hij is verbonden met de belofte dat de wateren nooit meer alle vlees door een vloed zullen verderven.
Genesis 9 zegt:
“de wateren zullen niet meer wezen tot een vloed, om alle vlees te verderven.”
— Genesis 9:15
Dus de boog hoort bij water.
Niet zomaar bij regen.
Maar bij het oordeel door water en de belofte van God over water.
In eerdere artikelen zagen we:
Genesis 1 spreekt over wateren boven het uitspansel:
“de wateren, die boven het uitspansel zijn”
— Genesis 1:7
Psalm 148 spreekt over wateren boven de hemelen:
“gij wateren, die boven de hemelen zijt.”
— Psalm 148:4
Openbaring 4 toont een glazen zee als kristal voor Gods troon:
“En voor den troon was een glazen zee, kristal gelijk.”
— Openbaring 4:6
De regenboog staat dus niet los van wateren, hemel en troon.
Hij verschijnt in de wolk na wateroordeel, maar later wordt hij ook gezien rondom Gods heerlijkheid en troon.
Dat is een Schriftlijn.
De regenboog en de heerlijkheid des HEEREN
Nu gaan we naar Ezechiël 1.
Ezechiël ziet een indrukwekkend gezicht van Gods heerlijkheid.
Hij ziet een stormwind uit het noorden, een grote wolk, vuur, glans, cherubs, raderen, een kristalachtig uitspansel en een troon boven het uitspansel.
Daarna beschrijft hij de heerlijkheid op de troon:
“En ik zag als de verf van Hasmal, als de gedaante van vuur van binnen rondom; van de gedaante Zijner lenden en opwaarts, en van de gedaante Zijner lenden en nederwaarts, zag ik als de gedaante van vuur, en glans was aan Hem rondom.”
— Ezechiël 1:27
Dan zegt hij:
“Gelijk de gedaante van den boog, die in de wolk is ten dage des plasregens, alzo was de gedaante van den glans rondom. Dit was de gedaante van de gelijkenis der heerlijkheid des HEEREN; en als ik het zag, viel ik op mijn aangezicht…”
— Ezechiël 1:28
Dit is zeer belangrijk.
De boog in de wolk wordt gebruikt om de glans rondom de heerlijkheid des HEEREN te beschrijven.
Genesis 9:
Gods boog in de wolken na de vloed.
Ezechiël 1:
de gedaante van die boog rondom de heerlijkheid des HEEREN.
Dat betekent dat de regenboog niet alleen een teken op aarde is.
Hij weerspiegelt iets van Gods heerlijkheid.
De boog in de wolk is verbonden met de glans rondom de troonverschijning van God.
Dat tilt Genesis 9 omhoog.
De regenboog is niet slechts een herinnering aan een verleden oordeel. Hij is ook verbonden met de glorie van de levende God.
Ezechiël valt op zijn aangezicht
Ezechiël zegt:
“Dit was de gedaante van de gelijkenis der heerlijkheid des HEEREN; en als ik het zag, viel ik op mijn aangezicht…”
— Ezechiël 1:28
Dat is de juiste reactie.
Niet nieuwsgierigheid alleen.
Niet discussie alleen.
Niet modeldenken alleen.
Maar aanbidding en ontzag.
De regenboogachtige glans rondom Gods heerlijkheid brengt Ezechiël op zijn aangezicht.
Dat moet blijven staan.
Bijbelse kosmologie is niet bedoeld om mensen trots te maken.
Zij moet mensen laten buigen.
Wie de boog ziet zoals de Schrift hem toont, moet niet alleen denken:
“interessant.”
Hij moet zeggen:
God is heerlijk.
God is trouw.
God is Rechter.
God is genadig.
God is op de troon.
De regenboog rondom de troon
Nu komen we bij Openbaring 4.
Johannes ziet een deur geopend in de hemel:
“Na dezen zag ik, en ziet, een deur was geopend in den hemel…”
— Openbaring 4:1
Daarna:
“En terstond werd ik in den geest; en ziet, er was een troon gezet in den hemel, en er zat Een op den troon.”
— Openbaring 4:2
Dan beschrijft Johannes Hem Die op de troon zit:
“En Die daarop zat, was in het aanzien den steen jaspis en sardius gelijk…”
— Openbaring 4:3
En dan:
“En een regenboog was rondom den troon, in het aanzien den steen smaragd gelijk.”
— Openbaring 4:3
Dit is geweldig.
De regenboog is nu niet alleen in de wolk.
Niet alleen rondom de glans van Gods heerlijkheid in Ezechiël.
Maar rondom de troon.
Rondom den troon.
Dat is troon-taal.
De regenboog hoort bij Gods regering.
Bij Zijn majesteit.
Bij Zijn verbondstrouw.
Bij Zijn heerlijkheid.
Bij Zijn oordeel en genade.
Openbaring 4 toont:
- troon in de hemel;
- heerlijkheid als kostbare stenen;
- regenboog rondom de troon;
- bliksemen, donderslagen en stemmen uit de troon;
- zeven vurige lampen voor de troon;
- glazen zee als kristal voor de troon;
- aanbidding van de Schepper.
De regenboog staat dus midden in de hemelse troonstructuur.
De boog die God in Genesis “Mijn boog” noemt, wordt in Openbaring gezien rondom Zijn troon.
Smaragdgroene glans
Openbaring 4 zegt dat de regenboog rondom de troon was:
“in het aanzien den steen smaragd gelijk”
— Openbaring 4:3
Dat is opvallend.
De regenboog die wij op aarde zien, toont meerdere kleuren. Maar Johannes noemt hier een aanzien als smaragd.
Smaragd heeft een groene glans.
Groen kan doen denken aan leven, schepping, frisheid en herstel. De tekst zelf legt dat niet expliciet uit, maar het is wel opvallend dat de regenboog rondom Gods troon niet alleen met kleur wordt verbonden, maar met een kostbare steen.
In Openbaring 4 staat alles in taal van heerlijkheid:
- jaspis;
- sardius;
- smaragd;
- glazen zee;
- kristal;
- vuur;
- bliksemen.
De regenboog is dus niet goedkoop.
Niet gewoon.
Niet toevallig.
Hij staat in edelsteen-taal rondom de troon van God.
De regenboog en de glazen zee staan samen in Openbaring 4
Dit is een zeer belangrijk punt.
Openbaring 4 zegt:
“En een regenboog was rondom den troon…”
— Openbaring 4:3
En kort daarna:
“En voor den troon was een glazen zee, kristal gelijk.”
— Openbaring 4:6
Dus in hetzelfde troongezicht zien we:
- regenboog rondom de troon;
- glazen zee als kristal voor de troon.
Dat past perfect bij de Schriftlijn die wij al zagen:
Genesis 1: wateren boven het uitspansel.
Psalm 148: wateren boven de hemelen.
Job 37: hemelen vast als een gegoten spiegel.
Exodus 24: hemel in klaarheid als saffier.
Ezechiël 1: kristalachtig uitspansel onder de troon en boogachtige glans rondom Gods heerlijkheid.
Openbaring 4: regenboog rondom de troon en glazen zee als kristal voor de troon.
De regenboog en de glazen zee horen dus niet los van elkaar gelezen te worden.
Beide staan in de troonomgeving.
Beide verbinden hemel, water, licht, glans en Gods heerlijkheid.
De boog is rondom de troon.
De glazen zee is voor de troon.
Dat is een hemelse orde van majesteit.
De regenboog is troon-teken
Genesis 9 leert dat de boog een verbondsteken is.
Ezechiël 1 verbindt de boog met de heerlijkheid des HEEREN.
Openbaring 4 plaatst de regenboog rondom Gods troon.
Daaruit volgt:
De regenboog is niet alleen een aards teken.
Hij is een troon-teken.
Hij spreekt van Gods trouw, maar niet los van Gods majesteit.
Hij spreekt van genade, maar niet los van oordeel.
Hij spreekt van verbond, maar niet los van de troon.
Hij spreekt van water, maar niet los van heerlijkheid.
Wie de regenboog losmaakt van Gods troon, maakt hem kleiner dan de Schrift hem maakt.
De sterke Engel met regenboog boven Zijn hoofd
Openbaring 10 voegt nog een belangrijke tekst toe.
Johannes schrijft:
“En ik zag een anderen sterken Engel, afkomende van den hemel, Die met een wolk bekleed was; en een regenboog was boven Zijn hoofd; en Zijn aangezicht was als de zon, en Zijn voeten waren als pilaren van vuur.”
— Openbaring 10:1
Deze tekst zit vol hemelse taal.
De sterke Engel komt:
“afkomende van den hemel”
Hij is:
“met een wolk bekleed”
Er is:
“een regenboog boven Zijn hoofd”
Zijn aangezicht is:
“als de zon”
Zijn voeten zijn:
“als pilaren van vuur”
Hier komen opnieuw veel lijnen samen:
- hemel;
- wolk;
- regenboog;
- zonlicht;
- vuur;
- macht;
- neerdalen naar de aarde.
De regenboog verschijnt hier niet zomaar in de lucht. Hij is boven het hoofd van een sterke Engel uit de hemel.
Dat verbindt de regenboog opnieuw met hemelse majesteit.
Sommigen zien in deze sterke Engel een bijzondere engel; anderen zien hierin een verschijning met Christusachtige kenmerken. Voor dit artikel hoeft die discussie niet uitgeput te worden. De hoofdzaak is duidelijk genoeg:
de regenboog verschijnt opnieuw in een hemelse, majesteitelijke context van wolk, licht en vuur.
Dat bevestigt de lijn.
De boog verbindt hemel en aarde
Als Genesis, Ezechiël en Openbaring samen worden gelegd, verschijnt een indrukwekkend patroon.
Genesis 9:
- boog in de wolken;
- na wateroordeel;
- teken van verbond tussen God en aarde;
- God ziet de boog.
Ezechiël 1:
- boogachtige glans;
- rondom de heerlijkheid des HEEREN;
- in een troongezicht;
- Ezechiël valt op zijn aangezicht.
Openbaring 4:
- regenboog rondom de troon;
- glazen zee als kristal voor de troon;
- aanbidding van de Schepper.
Openbaring 10:
- sterke Engel uit de hemel;
- bekleed met een wolk;
- regenboog boven Zijn hoofd;
- aangezicht als zon;
- voeten als pilaren van vuur.
De boog verbindt dus:
- aarde;
- hemel;
- wolk;
- water;
- licht;
- oordeel;
- verbond;
- heerlijkheid;
- troon.
Dat is veel meer dan een natuurverschijnsel.
Oordeel en genade in één teken
De regenboog is prachtig, maar zijn achtergrond is ernstig.
Hij verschijnt na oordeel.
De wereld is door water vergaan.
Maar God geeft een teken van trouw.
Dat maakt de regenboog dubbel geladen:
- hij herinnert aan oordeel;
- hij verkondigt genade;
- hij wijst op Gods verbond;
- hij laat zien dat God gedenkt;
- hij staat onder Gods troon.
Daarom is de regenboog geen goedkoop symbool van algemene vrolijkheid.
Hij is een ernstig teken van Gods trouw na Gods oordeel.
Wie de regenboog Bijbels ziet, ziet niet alleen kleuren.
Hij ziet:
God heeft geoordeeld.
God heeft gesproken.
God heeft een verbond gegeven.
God gedenkt.
God regeert.
De regenboog en de Schepper
Openbaring 4 eindigt in aanbidding van God als Schepper.
De vier en twintig ouderlingen zeggen:
“Gij Heere, zijt waardig te ontvangen de heerlijkheid, en de eer, en de kracht; want Gij hebt alle dingen geschapen, en door Uw wil zijn zij, en zijn zij geschapen.”
— Openbaring 4:11
Dat is de juiste conclusie.
De regenboog rondom de troon staat in hetzelfde hoofdstuk waarin God wordt aanbeden als Schepper.
Dus de regenboog is ook scheppingstaal.
God heeft de wateren gemaakt.
God heeft het uitspansel gemaakt.
God heeft de wolken gemaakt.
God heeft het licht gemaakt.
God heeft de boog gegeven.
God heeft Zijn troon in de hemelen bevestigd.
De regenboog roept niet op tot aanbidding van de schepping.
Hij roept op tot aanbidding van de Schepper.
De regenboog en het Lam
Toch eindigt Openbaring niet alleen met God als Schepper, maar ook met het Lam.
Openbaring 5 laat zien dat niemand waardig is om het boek te openen, behalve het Lam.
“En ik zag, en ziet, in het midden van den troon… een Lam, staande als geslacht…”
— Openbaring 5:6
En de hemel zingt:
“Gij zijt waardig het boek te nemen, en zijn zegelen te openen; want Gij zijt geslacht, en hebt ons Gode gekocht met Uw bloed…”
— Openbaring 5:9
Dat is de hoogste lijn.
De regenboog spreekt van verbond na oordeel.
Maar het Lam spreekt van verlossing door bloed.
Noach werd gered door de ark heen door het wateroordeel.
Een zondaar wordt gered door Christus alleen.
De regenboog zegt: God gedenkt Zijn verbond met de aarde.
Het kruis zegt: Christus droeg de zonden van de wereld.
De boog staat rondom de troon.
Het Lam staat in het midden van de troon.
Daarom moet dit onderwerp eindigen bij Christus.
Christus, het Licht en de trouw van God
Een regenboog vraagt licht.
Zonder licht is er geen boog.
Daarom past het dat de regenboog rondom Gods troon uiteindelijk verder wijst dan het teken zelf. Hij wijst naar de God Die trouw is, en naar Christus, het ware Licht.
“Ik ben het Licht der wereld; die Mij volgt, zal in de duisternis niet wandelen, maar zal het licht des levens hebben.”
— Johannes 8:12
In Genesis staat de boog na oordeel.
In Ezechiël staat de boogachtige glans rondom de heerlijkheid des HEEREN.
In Openbaring staat de boog rondom de troon.
In Christus komen Gods trouw, licht, oordeel en genade volmaakt samen.
Wat leert de Bijbel dus over de regenboog?
Wanneer de Schrift wordt samengelegd, ontstaat deze lijn:
De regenboog is Gods boog.
God gaf hem in de wolken.
Hij is een teken van Gods verbond tussen God en de aarde.
Hij verschijnt na het wateroordeel van de zondvloed.
De boog werd niet pas na de vloed als nieuw scheppingsonderdeel gemaakt; de schepping was al volbracht.
Na de vloed kreeg hij zijn zichtbare verbondsfunctie in de wolken.
Vóór de vloed regende het niet zoals daarna; een damp bevochtigde de aardbodem.
Bij de vloed werden de vensteren des hemels geopend.
Voor een zichtbare boog zijn licht, water, nevel, wolk en het spiegelachtige hemelse firmament nodig.
De boogvorm hoort bij het teken: God zegt “Mijn boog”.
De boogvorm past bij de Bijbelse taal van een uitgespannen, vaste, spiegelachtige hemel.
Een dubbele regenboog past als observatie bij het idee van weerkaatsing, al maakt de Schrift dat technische detail niet tot hoofdzaak.
God Zelf zegt dat Hij de boog zal aanzien.
De boog is verbonden met water, wolk, oordeel en genade.
Ezechiël verbindt de gedaante van de boog met de glans rondom de heerlijkheid des HEEREN.
Johannes ziet een regenboog rondom Gods troon.
Openbaring 4 verbindt de regenboog met de glazen zee als kristal.
Openbaring 10 toont een regenboog boven het hoofd van een sterke Engel uit de hemel.
De boog hoort dus bij hemel, licht, wolk, troon en heerlijkheid.
De regenboog is geen los natuurverschijnsel, maar een hemels verbondsteken.
De regenboog leidt tot aanbidding van de Schepper.
Uiteindelijk wijst alles naar het Lam in het midden van de troon.
Dat is de Bijbelse lijn.
Geen technische fantasie, wel Schriftuurlijke verwondering
De Bijbel legt niet alle technische werking van de regenboog uit.
De Bijbel vertelt niet exact hoe licht, water, wolk, uitspansel en boog zich technisch tot elkaar verhouden.
Maar de Bijbel zegt wel genoeg om de regenboog heel anders te bekijken dan de moderne mens meestal doet.
De regenboog is niet slechts “een mooi effect na regen”.
God noemt hem:
“Mijn boog.”
Hij is een teken tussen God en aarde.
God ziet hem.
Hij herinnert aan oordeel en verbond.
Hij verschijnt als beeld van de glans rondom Gods heerlijkheid.
Hij staat rondom Gods troon.
Hij verschijnt opnieuw bij de sterke Engel uit de hemel.
Dat is geen kleine zaak.
Daarom moet een gelovige bij het zien van een regenboog niet alleen denken aan kleuren.
Hij moet denken aan God.
Aan wateroordeel.
Aan verbond.
Aan trouw.
Aan de troon.
Aan heerlijkheid.
Aan het Lam.
Slot
De regenboog begint in Genesis als teken na wateroordeel, maar eindigt in Openbaring rondom de troon.
Dat maakt de boog veel groter dan een natuurverschijnsel.
Hij spreekt van Gods trouw aan Zijn verbond, van oordeel dat geweest is, van genade die blijft, en van heerlijkheid rondom Gods regering.
De boog in de wolk en de boog rondom de troon horen bij elkaar.
Beneden ziet de mens het teken.
Boven staat het teken in de sfeer van Gods majesteit.
Daarom is de regenboog geen eigendom van menselijke cultuur.
Hij is Gods boog.
En rondom Gods troon wijst die boog uiteindelijk naar het Lam, de enige Redder, het ware Licht, en het middelpunt van alle heerlijkheid.
📖 Lees verder over zekerheid en zonde na geloof
👉 Kan een gelovige zijn zaligheid verliezen?
👉
Wat gebeurt er nadat u tot geloof bent gekomen?
👉
Kan een gelovige leven als de duivel en toch gered zijn?