Wat is de hemel?
De hemel: écht leven, maar dan volmaakt — en voor altijd
Geen angst, geen zonde, geen einde
Stelt u zich een wereld voor waarin oorlog niet meer bestaat.
Waar geen sirenes klinken, geen dreiging hangt, geen angst voor morgen leeft.
Waar kinderen veilig buiten spelen, zonder zorgen, zonder gevaar, zonder verdriet.
Waar niemand bang hoeft te zijn voor geweld, misbruik of onrecht — omdat onrecht eenvoudigweg niet meer bestaat.
Stelt u zich een wereld voor waarin u
echt kunt leven.
Waar u kunt praten zonder misverstanden.
Waar lachen vanzelf gaat.
Waar gezelligheid niet eindigt.
Waar relaties nooit meer stuklopen, en liefde nooit meer verkoelt.
Een wereld waarin dieren niet langer gevaarlijk zijn.
Waar u zonder angst door de natuur wandelt.
Waar roof en dood verdwenen zijn.
Waar de schepping niet meer tegenwerkt, maar meewerkt — vol leven, rust en schoonheid.
Stelt u zich een wereld voor waarin u kunt
eten en drinken zonder tekort.
Waar maaltijden geen noodzaak zijn, maar vreugde.
Waar samen aan tafel zitten pure genieting is.
Waar smaken rijk zijn, overvloedig, volmaakt — zonder honger, zonder schaarste, zonder verval.
Een wereld waarin u kunt
reizen zonder vermoeidheid,
werken zonder frustratie,
ontdekken zonder grenzen,
en creëren zonder mislukking.
Geen ziekte.
Geen pijn.
Geen zwakte.
Geen dood.
Maar ook geen verveling.
Geen leegte.
Geen stilstand.
👉 Dat is de hemel zoals de Bijbel die beschrijft.
Niet een wolk waar u zweeft.
Niet een vaag geestelijk bestaan.
Maar een
echte wereld. Tastbaar. Levend. Warm.
Alles wat hier op aarde goed en mooi is — maar dan
zonder zonde, zonder gebrokenheid, zonder einde.
En het mooiste:
dit leven stopt nooit meer.
Geen afscheid.
Geen aftakeling.
Geen laatste dag.
Voor altijd. Volmaakt. Met God.
Het Duizendjarig Vrederijk — Christus regeert zichtbaar op aarde
De Bijbel openbaart dat de eeuwige toekomst niet in één stap begint. Eerst komt er een letterlijk Duizendjarig Koninkrijk op deze aarde.
“En de wolf zal bij het lam verkeren, en de luipaard bij het geitenbokje nederliggen…”
— Jesaja 11:6
Christus zal Zelf regeren over de gehele aarde — zichtbaar, rechtvaardig en volmaakt — vanuit Jeruzalem.
“En zij leefden en heersten met Christus duizend jaren.”
— Openbaring 20:4
Satan volledig uitgeschakeld
Tijdens dit Koninkrijk is satan geen factor meer:
“En hij greep den draak… en bond hem duizend jaren.”
— Openbaring 20:2
Hij kan de volken niet meer verleiden.
Geen geestelijke misleiding.
Geen duisternis achter de schermen.
De schepping hersteld
Ook de natuur zelf wordt vernieuwd:
“De woestijn en de dorre plaatsen zullen hierover vrolijk zijn.”
— Jesaja 35:1
De aarde brengt overvloed voort. Oogsten falen niet. Honger verdwijnt. Recht en gerechtigheid zijn de norm.
Christus regeert als Koning over de
hele aarde.
Wie leven er in het Duizendjarig Rijk?
Het Duizendjarig Rijk begint direct na de letterlijke zevenjarige verdrukking. Bij Zijn wederkomst oordeelt Christus de volken die deze periode hebben overleefd.
In het oordeel van de schapen en de bokken zegt Hij:
“Komt, gij gezegenden Mijns Vaders, beërft dat Koninkrijk, hetwelk u bereid is van de grondlegging der wereld.”
— Mattheüs 25:34
De ongelovigen worden verwijderd.
Alleen gelovigen gaan het Koninkrijk binnen.
👉 Aan het begin van het Rijk zijn er dus uitsluitend gelovigen, maar in twee verschillende toestanden.
1. Gelovigen in natuurlijke lichamen
Dit zijn mensen die de verdrukking hebben overleefd en Christus hebben geloofd. Zij gaan als “schapen” het Koninkrijk binnen.
Zij zijn nog sterfelijk:
“Een jongeling zal sterven, honderd jaren oud zijnde.”
— Jesaja 65:20
Hun leven wordt sterk verlengd, maar zij kunnen nog sterven.
Zij trouwen. Zij krijgen kinderen. De aarde wordt opnieuw bevolkt.
Hun kinderen worden
niet automatisch gered.
Zij staan, net als ieder mens ooit, voor een persoonlijke keuze:
Christus geloven — of Hem innerlijk verwerpen.
2. Gelovigen in verheerlijkt lichaam
Dit zijn:

- de Gemeente,
- de Oudtestamentische gelovigen,
- en de martelaren uit de verdrukking.
“En zij zullen priesters van God en van Christus zijn, en zij zullen met Hem als koningen heersen duizend jaren.”
— Openbaring 20:6
Zij zijn:

- onsterfelijk,
- zondeloos,
- volmaakt,
- en trouwen niet meer.
“Want in de opstanding nemen zij niet ten huwelijk.”
— Mattheüs 22:30
Zij regeren en dienen samen met Christus.
De geestelijke les van het Duizendjarig Rijk
Dit Koninkrijk kent ideale omstandigheden:
- vrede,
- overvloed,
- rechtvaardig bestuur,
- geen satanische verleiding.
En tóch blijkt iets onthutsends:
“Arglistig is het hart, meer dan enig ding.”
— Jeremia 17:9
Zelfs zonder satan.
Zelfs onder Christus’ zichtbare regering.
Blijkt dat de mens nog steeds
een hart nodig heeft dat vrijwillig buigt.
👉 Geloof is nooit automatisch. Ook niet in het mooiste Koninkrijk dat ooit heeft bestaan.
Het slot van het Duizendjarig Rijk: de laatste opstand
Aan het einde van de duizend jaar wordt Satan nog eenmaal losgelaten:
“En wanneer de duizend jaren zullen geëindigd zijn, zal de satan uit zijn gevangenis ontbonden worden.”
— Openbaring 20:7
Hij verzamelt hen die Christus nooit werkelijk hebben geloofd — talrijk “als het zand der zee”.
Hun opstand wordt onmiddellijk door God beëindigd.
Daarna volgt het definitieve oordeel.
Het verheerlijkt lichaam van de gelovige
Als u vandaag gelooft in Christus, ontvangt u een verheerlijkt lichaam, gelijkvormig aan dat van Jezus na Zijn opstanding.
“Die ons vernederd lichaam veranderen zal, opdat het gelijkvormig worde aan Zijn verheerlijkt lichaam.”
— Filippenzen 3:21
Dat betekent:
- geen ziekte,
- geen zwakte,
- geen dood,
- geen zonde.
👉 Maar wél: leven. Echte beleving. Werkelijkheid.
Zoals Jezus na Zijn opstanding:
- at en dronk,
- sprak en lachte,
- wandelde en ontmoette,
- zichtbaar en tastbaar was.
Zo zult ook u leven.
Eten en drinken:
“En de HEERE der heirscharen zal op dezen berg allen volken een feestmaal maken.”
— Jesaja 25:6
Vreugde en gemeenschap:
“En Ik zal juichen over Jeruzalem, en Mij verheugen over Mijn volk.”
— Jesaja 65:19
Bouwen, werken en regeren:
“Zij zullen huizen bouwen en bewonen.”
— Jesaja 65:21
Leren en ontdekken:
“Want de aarde zal vol zijn van de kennis des HEEREN.”
— Jesaja 11:9
Aanbidden zonder vermoeidheid:
“Van maand tot maand, en van sabbat tot sabbat, zal alle vlees komen om voor Mijn aangezicht te aanbidden.”
— Jesaja 66:23
👉 Alles wat hier goed is — maar dan zonder gebrokenheid.
Belangrijk: Hoewel er in het Rijk nog zonde aanwezig is bij sterfelijke mensen, wordt u daar nooit meer door beïnvloed. Zoals Christus na Zijn opstanding leefde te midden van een gebroken wereld, zo leeft u daar in volmaakte heiligheid.
Van het Koninkrijk naar de eeuwigheid
Na het Duizendjarig Rijk volgt het Grote Witte Troon-oordeel.
“En ik zag een groten witten troon.”
— Openbaring 20:11
Daarna is alles voorgoed voorbij:
- ongeloof,
- zonde,
- dood,
- satan.
De nieuwe hemel en de nieuwe aarde – eeuwigheid in volmaaktheid
Na het Grote Witte Troon-oordeel begint de
eeuwige toestand. Niet een voortzetting van het Duizendjarig Rijk, maar een volledig
nieuwe schepping.
“En ik zag een nieuwen hemel en een nieuwe aarde; want de eerste hemel en de eerste aarde waren voorbijgegaan.”
— Openbaring 21:1
De huidige schepping — hoe hersteld zij ook was in het Duizendjarig Rijk — wordt volledig weggenomen.
“De elementen brandende zullen vergaan.”
— 2 Petrus 3:10
Dit is geen symbolische taal. God beëindigt het oude en
schept alles werkelijk nieuw.
“En aan de vorige dingen zal niet meer gedacht worden, en zij zullen in het hart niet opkomen.”
— Jesaja 65:17
God woont Zelf bij de mensen:
In de eeuwigheid is er geen afstand meer tussen God en mens. Geen tempel. Geen scheiding. Geen middelaar in de zin van afstand.
“Zie, de tabernakel Gods is bij de mensen, en Hij zal bij hen wonen.”
— Openbaring 21:3
God woont letterlijk bij Zijn verloste schepping. Niet verborgen. Niet op afstand. Maar aanwezig.
En dit heeft directe gevolgen:
- Geen tranen meer
- Geen dood meer
- Geen rouw meer
- Geen pijn meer
“En God zal alle tranen van hun ogen afwissen.”
— Openbaring 21:4
Alles wat ooit met zonde te maken had, is voorgoed verdwenen.
Het nieuwe Jeruzalem — de stad van goud daalt neer uit de hemel
De Bijbel beschrijft geen vage hemelstad, maar een
letterlijke stad.
“En ik, Johannes, zag de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem, nederdalende van God uit den hemel.”
— Openbaring 21:2
Deze stad komt werkelijk uit de hemel naar de nieuwe aarde. Zij is niet symbolisch. Zij is niet onzichtbaar. Zij is gebouwd door God Zelf.
Kenmerken van de stad
De Schrift geeft concrete details:
- De stad is van zuiver goud, gelijk aan helder glas (Openbaring 21:18)
- De muren zijn van kostbare edelstenen (Openbaring 21:19–20)
- De poorten zijn van parels — één parel per poort (Openbaring 21:21)
- De straten zijn van puur goud (Openbaring 21:21)
Dit is geen dichterlijke overdrijving. God beschrijft materiaal, vorm en afmetingen.

De stad is immens groot:
“En de stad lag vierkant… twaalfduizend stadiën.”
— Openbaring 21:16
Zij is even hoog als breed en lang — een volmaakte kubus.
Geen zon, geen maan — God Zelf is het licht

In deze stad is geen natuurlijke verlichting nodig:
“En de stad behoeft de zon en de maan niet, dat zij in haar zouden schijnen; want de heerlijkheid Gods heeft haar verlicht.”
— Openbaring 21:23
Christus Zelf is het licht. Er is geen nacht. Geen duisternis. Geen schaduw.
“En daar zal geen nacht zijn.”
— Openbaring 22:5
Leven in de eeuwigheid
De eeuwigheid is geen stilstaande toestand. Geen eindeloze rust zonder activiteit.
De Schrift spreekt over:
- Dienen
“En Zijn dienstknechten zullen Hem dienen.”
— Openbaring 22:3
- Regeren
“En zij zullen als koningen heersen in alle eeuwigheid.”
— Openbaring 22:5
- Gemeenschap
“En zij zullen Zijn aangezicht zien.”
— Openbaring 22:4
Volmaakt leven. Volmaakte vreugde. Volmaakte nabijheid tot God.
Geen zonde — onmogelijk geworden
In tegenstelling tot het Duizendjarig Rijk:
- bestaat er in de eeuwigheid geen zonde meer,
- geen mogelijkheid tot afval,
- geen verzoeking,
- geen opstand.
“En niets onreins zal daarin inkomen.”
— Openbaring 21:27
De zonde is niet slechts afwezig — zij is definitief onmogelijk geworden.
De uiteindelijke bestemming van de gelovige
Dit is waar alles op uitloopt.
Niet slechts vergeving. Niet slechts ontsnapping aan oordeel. Maar eeuwig leven in gemeenschap met God.
Geen einde. Geen verval. Geen afscheid.
“En zij zullen met Hem zijn in alle eeuwigheid.”
— 1 Thessalonicenzen 4:17
✨
Dit is de hemel.
Niet vaag.
Niet onzeker.
Niet symbolisch.
Maar letterlijk, werkelijk, volmaakt leven met God — voor eeuwig.
Vandaag al zekerheid

Dit alles begint nu met geloof in Jezus Christus:
“Want gij zijt allen kinderen Gods door het geloof in Christus Jezus.”
— Galaten 3:26