Hoe ziet de hel eruit?

Wat de Bijbel werkelijk bekendmaakt over vuur, pijn, bewustzijn, herinnering en het ontbreken van iedere ontsnapping

Hoe ziet de hel eruit?

Wat de Bijbel werkelijk bekendmaakt over vuur, pijn, bewustzijn, herinnering en het ontbreken van iedere ontsnapping

De Bijbel geeft geen plattegrond of volledige visuele beschrijving van de hel. Wel maakt Jezus duidelijk wat iemand daar ervaart: bewustzijn, pijn, dorst, herinnering en het ontbreken van iedere ontsnapping. De Schrift spreekt daarnaast over vuur, buitenste duisternis, wening en knersing der tanden. Waar de Bijbel zwijgt, mogen wij niet speculeren; waar zij spreekt, mogen wij haar waarschuwing niet afzwakken.

Hoe ziet de hel eruit volgens de Bijbel?

De Bijbel geeft geen menselijke rondleiding door de hel.


Er staat niet hoe groot zij is, hoe iedere ruimte eruitziet of hoe alle bijzonderheden natuurkundig moeten worden verklaard. Schilderijen, films, dromen en verhalen van mensen kunnen die ontbrekende informatie niet betrouwbaar aanvullen.



God maakt iets belangrijkers bekend:

wat voor plaats de hel is en wat iemand daar ervaart.

Daarbij moet zorgvuldig worden gelezen. Lukas 16 beschrijft de toestand van een ongelovige na zijn dood. Andere teksten spreken over het uiteindelijke oordeel. Niet iedere beschrijving hoeft daarom exact op dezelfde fase betrekking te hebben.


Voor het volledige Bijbelse overzicht leest u: Wat is de hel volgens de Bijbel?



De duidelijkste beschrijving: Lukas 16


Jezus vertelt over een rijke man die stierf en werd begraven.


Vervolgens staat er:

„En als hij in de hel zijn ogen ophief, zijnde in de pijn, zag hij Abraham van verre, en Lazarus in zijn schoot.”

— Lukas 16:23

In de verzen die volgen, maakt Jezus vijf kenmerken duidelijk:


  1. de rijke man was bij bewustzijn;
  2. hij leed pijn en had dorst;
  3. hij kon zich zijn leven herinneren;
  4. hij begreep waar hij was;
  5. hij kon zijn toestand niet meer veranderen.


Lukas 16 geeft geen plattegrond van de hel, maar wel een ernstige beschrijving van haar werkelijkheid.



Bewustzijn


De rijke man hield bij zijn dood niet op te bestaan.


Zijn lichaam was begraven, maar hijzelf kon:


  • zien;
  • spreken;
  • voelen;
  • denken;
  • verlangen;
  • herinneren.


De hel wordt daarom niet beschreven als een toestand waarin iemand niets meer merkt.


Ook is zij in dit gedeelte niet eenvoudig hetzelfde als het graf. Het lichaam van de rijke man was begraven, terwijl hijzelf bewust „in de pijn” verkeerde.


Wat er precies tussen het sterven en het laatste oordeel gebeurt, wordt afzonderlijk behandeld in: Wat gebeurt er met een ongelovige na de dood?



Pijn en dorst


De rijke man riep:

„Vader Abraham, ontferm u mijner, en zend Lazarus, dat hij het uiterste zijns vingers in het water dope, en verkoele mijn tong; want ik lijd smarten in deze vlam.”

— Lukas 16:24

Hij vroeg niet om een beker water.


Hij verlangde slechts naar het geringe beetje water dat aan het uiterste van een vinger kon blijven hangen.


Zelfs die kleine verlichting ontving hij niet.


Tijdens zijn leven was hij rijk geweest. In de hel kon hij niets kopen, afdwingen of veranderen.


Jezus beschrijft:


  • werkelijke pijn;
  • intense dorst;
  • volkomen machteloosheid;
  • geen verlichting.


De rijke man noemde zijn verblijfplaats later:

„deze plaats der pijniging”

— Lukas 16:28


Herinnering


Abraham zei tegen hem:

„Kind, gedenk…”

— Lukas 16:25

De rijke man had zijn geheugen niet verloren.



Hij kon zich zijn leven herinneren. Ook wist hij nog dat hij vijf broers had. Daarom vroeg hij of zij gewaarschuwd konden worden:

„Opdat ook zij niet komen in deze plaats der pijniging.”

— Lukas 16:28

Hij begreep nu volledig waar hij was.


Maar hij kon zijn aardse leven niet opnieuw leven. Hij kon zijn eerdere keuzes niet terugdraaien en zijn broers niet zelf meer waarschuwen.


De hel wordt daardoor niet alleen gekenmerkt door pijn, maar ook door besef.



Geen ontsnapping


Abraham zei:

„En boven dit alles, tussen ons en ulieden is een grote kloof gevestigd, zodat degenen, die van hier tot u willen overgaan, niet zouden kunnen, noch ook die daar zijn, van daar tot ons overkomen.”

— Lukas 16:26

De kloof was „gevestigd”.


Niemand kon haar oversteken.


De rijke man kon niet naar de plaats van vertroosting gaan. Lazarus kon niet bij hem komen om hem verlichting te geven.


De tekst beschrijft geen tijdelijke deur die later alsnog wordt geopend.


Er is geen ontsnapping en geen mogelijkheid om na de dood van bestemming te veranderen.


Lees hierover verder: Is er na de dood nog een tweede kans?



Vuur


De rijke man zei:

„Want ik lijd smarten in deze vlam.”

— Lukas 16:24

Jezus sprak elders over:

„het helse vuur”

— Mattheüs 5:22

En:

„Waar hun worm niet sterft, en het vuur niet uitgeblust wordt.”

— Markus 9:48

De Schrift gebruikt vuur herhaaldelijk in haar beschrijving van het oordeel.


Wij hoeven niet te beweren dat wij ieder detail van dit vuur kunnen verklaren. De Bijbel geeft geen volledige natuurkundige uiteenzetting.


Maar wij mogen de waarschuwing ook niet wegredeneren.


Zelfs wanneer iemand vuur als beeldende taal beschouwt, blijft het een beeld van werkelijk en verschrikkelijk oordeel. Beeldspraak verandert pijniging niet in iets onschuldigs.



Buitenste duisternis


Jezus sprak ook over:

„de buitenste duisternis; aldaar zal wening zijn en knersing der tanden.”

— Mattheüs 8:12

De Schrift gebruikt dus zowel vuur als duisternis.


Wij hoeven deze beschrijvingen niet tegen elkaar uit te spelen.


Vuur spreekt van straf en pijn.


Buitenste duisternis spreekt van uitsluiting: buiten de vreugde en heerlijkheid van Gods Koninkrijk.


De hel wordt nergens voorgesteld als een plaats waar mensen uiteindelijk een vrij of aangenaam bestaan opbouwen.


Jezus spreekt over:


  • duisternis;
  • wening;
  • knersing der tanden;
  • uitsluiting.



Wening en knersing der tanden


Jezus gebruikte deze uitdrukking meerdere keren:

„Daar zal wening zijn en knersing der tanden.”

— Mattheüs 13:42

Wening spreekt van diepe smart.


Knersing der tanden kan pijn, woede en machteloos verzet uitdrukken.


In ieder geval beschrijft Jezus geen rust, tevredenheid of bewusteloosheid.


De mens bevindt zich bewust onder het oordeel, maar kan dat oordeel niet beëindigen.



Wat de Bijbel niet zegt


De Schrift zegt genoeg om ernstig te waarschuwen. Wij hoeven daar geen menselijke fantasie aan toe te voegen.


De Bijbel geeft geen grond voor de gedachte dat:


  • de duivel als koning over de hel regeert;
  • demonen daar namens hem mensen martelen;
  • verlorenen daar gezamenlijk feestvieren;
  • iemand na verloop van tijd aan de hel went;
  • dromen of bijna-doodervaringen betrouwbare rondleidingen zijn;
  • levende mensen een overledene uit de hel kunnen bevrijden.


De duivel is niet de heerser van het uiteindelijke vuur.


Jezus zei dat dit vuur:

„den duivel en zijn engelen bereid is.”

— Mattheüs 25:41

De duivel wordt zelf geoordeeld.



Waarover moeten wij zwijgen?


Wij weten niet:


  • hoe de hel er bouwkundig uitziet;
  • hoe groot zij is;
  • hoe alle verlorenen elkaar precies waarnemen;
  • hoe vuur en duisternis natuurkundig samengaan;
  • waar iedere grens of ruimte zich bevindt.


Waar de Schrift zwijgt, moeten wij niet speculeren.


Maar waar zij spreekt, mogen wij haar woorden ook niet verzachten.


God maakt duidelijk dat de hel wordt gekenmerkt door:


  • bewustzijn;
  • pijn;
  • dorst;
  • herinnering;
  • vuur;
  • buitenste duisternis;
  • wening;
  • machteloosheid;
  • geen ontsnapping.



Waarom vertelt Jezus dit?


Jezus vertelde over de hel niet om nieuwsgierigheid te bevredigen.


Hij waarschuwde zodat mensen er niet terechtkomen.


De rijke man wilde dat zijn broers gewaarschuwd werden. Abraham antwoordde:

„Zij hebben Mozes en de profeten; dat zij die horen.”

— Lukas 16:29

Zij hadden Gods Woord.


Dat Woord moest tijdens hun leven worden gehoord.


Ook u ontvangt nu deze waarschuwing. Maar de Bijbel geeft niet alleen een waarschuwing. God heeft ook een volkomen redding gegeven.



Jezus Christus stierf voor onze zonden, werd begraven en stond op uit de doden.

„Christus gestorven is voor onze zonden, naar de Schriften; en dat Hij is begraven, en dat Hij is opgewekt ten derden dage, naar de Schriften.”

— 1 Korinthe 15:3-4

Het eeuwige leven wordt niet verdiend door werken, kerkelijke handelingen of godsdienst.



Jezus zegt:

„Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Die in Mij gelooft, heeft het eeuwige leven.”

— Johannes 6:47

Wie in Hem gelooft, heeft eeuwig leven.


Hoe word ik gered volgens de Bijbel?

Lees hoe u vandaag eeuwig leven kunt ontvangen door geloof in Jezus Christus alleen.



Conclusie


De Bijbel geeft geen plattegrond van de hel.


Wel maakt Jezus duidelijk wat iemand daar ervaart.


De rijke man in Lukas 16 was:


  • bij bewustzijn;
  • in pijn;
  • dorstig;
  • in staat zich zijn leven te herinneren;
  • volkomen machteloos;
  • niet in staat te ontsnappen.


Andere Schriftgedeelten spreken over vuur, buitenste duisternis, wening en knersing der tanden.


Wij mogen daar niets aan toevoegen.


Maar wij mogen er ook niets vanaf doen.


Jezus waarschuwde voor de hel omdat zij werkelijk en verschrikkelijk is.



En Hij kwam om zondaren ervan te redden.

„Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Die Mijn woord hoort, en gelooft Hem, Die Mij gezonden heeft, die heeft het eeuwige leven, en komt niet in de verdoemenis, maar is uit den dood overgegaan in het leven.”

— Johannes 5:24