Ik voel me veel te slecht
Niemand is te slecht om gered te worden. Niet de nette kerkmens, niet de atheïst, niet de hoereerder, niet de homoseksueel, niet de moordenaar, niet de dictator, niet de massamoordenaar. Christus stierf voor zondaren. De enige vraag is niet of uw zonden te groot zijn, maar of u gelooft in Jezus Christus, Die voor uw zonden stierf en opstond uit de doden.
Ik voel me veel te slecht om gered te worden
Geen zonde is groter dan de betaling van Jezus Christus. De vraag is niet hoe slecht u bent, maar of u Hem gelooft.
Er is een leugen die mensen rechtstreeks van Christus afhoudt.
De leugen is deze:
“Ik ben te slecht om gered te worden.”
Of net iets anders gezegd:
“Die mensen zijn te slecht om gered te worden.”
Daarmee bedoelt men dan meestal mensen die de samenleving als de ergste zondaren ziet: moordenaars, verkrachters, dictators, massamoordenaars, oorlogsmisdadigers, hoereerders, homoseksuelen, atheïsten, godslasteraars, occultisten, drugscriminelen, kindermoordenaars, religieuze huichelaars, mensen met een leven vol smerigheid en schuld.
Maar luister goed.
Als u zegt dat zulke mensen te slecht zijn om gered te worden, dan hebt u het evangelie nog niet begrepen.
Want het evangelie zegt niet dat Christus kwam voor mensen die nog een beetje meevielen. Het evangelie zegt dat Christus kwam voor zondaren.
“Dit is een getrouw woord, en alle aanneming waardig, dat Christus Jezus in de wereld gekomen is, om de zondaren zalig te maken, van welke ik de voornaamste ben.”
— 1 Timotheüs 1:15
Paulus zegt niet: “Christus kwam om nette mensen een laatste zetje te geven.”
Hij zegt:
Christus Jezus is in de wereld gekomen om zondaren zalig te maken.
En dan zegt Paulus erbij:
“Van welke ik de voornaamste ben.”
Paulus was geen brave religieuze zoeker. Hij vervolgde de gemeente Gods. Hij stemde in met geweld tegen gelovigen. Hij was een lasteraar, vervolger en verdrukker.
En God redde hem.
Waarom?
Om te laten zien dat niemand te ver weg is.
De slechtste mens is niet te slecht
Laten we stoppen met voorzichtig praten.
Een dictator met bloed aan zijn handen is niet te slecht om gered te worden.
Een massamoordenaar is niet te slecht om gered te worden.
Een terrorist is niet te slecht om gered te worden.
Een verkrachter is niet te slecht om gered te worden.
Een moordenaar is niet te slecht om gered te worden.
Een overspeler is niet te slecht om gered te worden.
Een prostituee is niet te slecht om gered te worden.
Een homoseksueel is niet te slecht om gered te worden.
Een drugsdealer is niet te slecht om gered te worden.
Een atheïst die God bespot heeft, is niet te slecht om gered te worden.
Een religieuze huichelaar is niet te slecht om gered te worden.
Een calvinist, rooms-katholiek, moslim, boeddhist, hindoe, vrijdenker, spotter of godsdienstige farizeeër is niet te slecht om gered te worden.
Waarom niet?
Omdat redding niet afhangt van hoe weinig schuld u hebt.
Redding hangt af van wat Jezus Christus gedaan heeft.
“Want zij hebben allen gezondigd, en derven de heerlijkheid Gods.”
— Romeinen 3:23
Alle mensen staan schuldig.
De nette burger.
De keurige kerkganger.
De moordenaar.
De atheïst.
De hoereerder.
De leugenaar.
De godsdienstige mens.
De openlijke rebel.
God trekt de lijn niet waar mensen de lijn trekken.
Mensen zeggen: “Die zonde is erger dan mijn zonde.”
God zegt:
“Er is niemand rechtvaardig, ook niet één.”
— Romeinen 3:10
Dat is Gods vonnis over de hele mensheid.
Niet één rechtvaardig.
De vraag is niet: welke zonde hebt u gedaan?
Mensen willen graag zonden rangschikken.
Deze zonde is erg.
Die zonde is erger.
Die zonde is onvergeeflijk.
Die mens is nog te redden.
Die mens niet meer.
Maar zo spreekt het evangelie niet.
De grote vraag is niet:
Welke zonde hebt u gedaan?
De grote vraag is:
Is Jezus Christus voor die zonde gestorven?
En het antwoord van de Schrift is helder:
“En Hij is een verzoening voor onze zonden; en niet alleen voor de onze, maar ook voor de zonden der gehele wereld.”
— 1 Johannes 2:2
Christus stierf niet voor een klein pakketje zonden.
Hij stierf niet alleen voor nette zonden.
Hij stierf niet alleen voor “gewone” zonden.
Hij stierf niet alleen voor mensen die later een goed levensverhaal zouden krijgen.
Hij is de verzoening voor de zonden der gehele wereld.
Dat betekent: als iemand verloren gaat, is dat niet omdat zijn zonde te groot was voor Christus. Dan is het omdat hij Christus niet geloofde.
“Die in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld, maar die niet gelooft, is alrede veroordeeld, dewijl hij niet heeft geloofd in den Naam des eniggeboren Zoons van God.”
— Johannes 3:18
De veroordeling is niet: “u was te slecht om gered te worden.”
De veroordeling is: u hebt niet geloofd.
“God gaf hen over” betekent niet dat God hen niet meer kan redden
Romeinen 1 wordt vaak misbruikt.
Daar staat:
“Daarom heeft God hen ook overgegeven in de begeerlijkheden hunner harten tot onreinigheid, om hun lichamen onder elkander te onteren.”
— Romeinen 1:24
En:
“Daarom heeft God hen overgegeven tot oneerlijke bewegingen...”
— Romeinen 1:26
En:
“En gelijk het hun niet goedgedacht heeft God in erkentenis te houden, zo heeft God hen overgegeven in een verkeerden zin...”
— Romeinen 1:28
Sommigen lezen dat en zeggen: “Zie je wel? Zulke mensen kunnen niet meer gered worden.”
Dat is niet wat er staat.
Er staat niet:
God kon hen niet meer redden.
Er staat niet:
Christus stierf niet voor hen.
Er staat niet:
Hun zonde was sterker dan Gods genade.
Er staat dat God hen overgaf.
Dat betekent: God liet hen gaan in de weg die zij zelf kozen.
De mens zei: “Ik wil mijn eigen begeerte volgen.”
God gaf hem over.
De mens zei: “Ik wil God niet in erkentenis houden.”
God gaf hem over.
De mens zei: “Ik wil leven alsof mijn lichaam, mijn lusten, mijn denken en mijn wil van mij zijn.”
God gaf hem over.
Dat is verschrikkelijk ernstig.
Maar dat is niet hetzelfde als: “Deze mens kan niet meer gered worden.”
Zolang iemand leeft, klinkt de uitnodiging nog.
“En die dorst heeft, kome; en die wil, neme het water des levens om niet.”
— Openbaring 22:17
God laat mensen hun eigen weg gaan
Jesaja 53 zegt:
“Wij dwaalden allen als schapen, wij keerden ons een iegelijk naar zijn weg; doch de HEERE heeft ons aller ongerechtigheid op Hem doen aanlopen.”
— Jesaja 53:6
Dat vers is allesvernietigend voor menselijke trots.
“Wij dwaalden allen.”
Niet alleen de zware criminelen.
Niet alleen de seksuele zondaren.
Niet alleen de atheïsten.
Niet alleen de wereldse mensen.
Allen.
En daarna:
“Wij keerden ons een iegelijk naar zijn weg.”
Dat is de kern van zonde: mijn weg, mijn wil, mijn leven, mijn waarheid, mijn lichaam, mijn religie, mijn gevoel, mijn trots.
De atheïst doet dat door God te ontkennen.
De hoereerder doet dat door zijn begeerte te dienen.
De dictator doet dat door macht te aanbidden.
De religieuze mens doet dat door zijn eigen gerechtigheid op te bouwen.
De nette burger doet dat door zichzelf met anderen te vergelijken.
De kerkmens doet dat door sacrament, traditie, belijdenis of vroomheid op de plaats van Christus te zetten.
Maar God zegt: allen zijn afgeweken.
“Zij zijn allen afgeweken, te zamen zijn zij onnut geworden; er is niemand, die goed doet, er is ook niet tot één toe.”
— Romeinen 3:12
Daarom heeft iedereen hetzelfde nodig: Christus.
Niet een beetje hulp.
Niet een religieuze verbetering.
Niet een tweede kans na de dood.
Niet een nieuwe start op basis van eigen kracht.
Maar volledige redding door Jezus Christus.
Zie ook: Hoe word ik gered?
Atheïsme is geen intellectuele onschuld
De Bijbel spaart de atheïst niet.
“De dwaas zegt in zijn hart: Er is geen God.”
— Psalm 14:1
Dat is hard.
Maar het is Gods Woord.
Atheïsme is niet neutraal. Het is niet slechts “een andere kijk”. Het is de mens die God uit zijn denken wegduwt. Romeinen 1 zegt dat mensen de waarheid in ongerechtigheid ten onder houden.
“Overmits hetgeen van God kennelijk is, in hen openbaar is; want God heeft het hun geopenbaard.”
— Romeinen 1:19
“Want Zijn onzienlijke dingen worden, van de schepping der wereld aan, uit de schepselen verstaan en doorzien, beide Zijn eeuwige kracht en Goddelijkheid, opdat zij niet te verontschuldigen zouden zijn.”
— Romeinen 1:20
De atheïst heeft geen excuus.
Maar luister goed: ook de atheïst is niet te slecht om gered te worden.
Hij kan God jarenlang gelasterd hebben.
Hij kan christenen uitgelachen hebben.
Hij kan het bestaan van God bespot hebben.
Hij kan het evangelie veracht hebben.
En toch, als hij Jezus Christus gelooft, ontvangt hij eeuwig leven.
“Die in den Zoon gelooft, die heeft het eeuwige leven...”
— Johannes 3:36
Niet: die altijd netjes over God gesproken heeft.
Niet: die eerst een vrome achtergrond had.
Niet: die nooit atheïst is geweest.
Die in den Zoon gelooft.
De homoseksueel is niet te slecht om gered te worden
Dit moet helder gezegd worden, omdat Romeinen 1 vaak precies op dit punt verdraaid wordt.
Homoseksuele zonde is zonde.
De Bijbel noemt het geen alternatieve levensstijl, geen neutrale identiteit, geen onschuldige liefde. Romeinen 1 noemt het oneerlijke bewegingen, schande en dwaling.
Maar dat betekent niet dat een homoseksueel niet gered kan worden.
Wie dat zegt, vernietigt het evangelie.
Want als homoseksuele zonde te groot is voor Christus, dan is Christus niet de volkomen Zaligmaker.
Als die zonde buiten de betaling van Christus valt, dan is het kruis onvoldoende.
En als het kruis onvoldoende is voor die zonde, hoe weet u dan dat het voldoende is voor uw zonden?
De Bijbel zet seksuele zonden niet apart als zonden waarvoor Christus niet stierf. Integendeel.
“Dwaalt niet; noch hoereerders, noch afgodendienaars, noch overspelers, noch ontuchtigen, noch die bij mannen liggen...”
— 1 Korinthe 6:10
Maar dan komt vers 11:
“En dit waart gij sommigen; maar gij zijt afgewassen, maar gij zijt geheiligd, maar gij zijt gerechtvaardigd, in den Naam van den Heere Jezus, en door den Geest onzes Gods.”
— 1 Korinthe 6:11
“Dit waart gij sommigen.”
Dus zulke mensen werden gered.
Niet omdat hun zonde goed was.
Niet omdat God het goedkeurde.
Niet omdat zij zichzelf schoonmaakten.
Maar omdat zij afgewassen, geheiligd en gerechtvaardigd werden in de Naam van de Heere Jezus.
Dus ja: een homoseksueel kan gered worden.
Niet door zijn zonde goed te praten.
Niet door zichzelf te verbeteren als voorwaarde voor eeuwig leven.
Maar door te geloven in Jezus Christus, Die voor zondaren gestorven is.
Zie ook: Nog steeds zonde, toch gered?
De moordenaar is niet te slecht om gered te worden
De Bijbel zelf geeft het voorbeeld.
Naast Jezus hing een misdadiger aan het kruis. Hij hing daar niet omdat hij een nette man was. Hij was schuldig. Hij verdiende volgens de menselijke rechtspraak zijn straf.
Maar wat gebeurde er?
“En hij zeide tot Jezus: Heere, gedenk mijner, als Gij in Uw Koninkrijk zult gekomen zijn.”
— Lukas 23:42
En Jezus zei niet:
“Te laat.”
Jezus zei niet:
“U hebt te veel kwaad gedaan.”
Jezus zei niet:
“U moet eerst uw leven verbeteren.”
Jezus zei niet:
“U moet gedoopt worden.”
Jezus zei niet:
“U moet eerst bewijzen dat uw geloof echt is.”
Jezus zei:
“Voorwaar, zeg Ik u: Heden zult gij met Mij in het Paradijs zijn.”
— Lukas 23:43
Dat is genade.
Een stervende misdadiger ontvangt zekerheid uit de mond van Christus Zelf.
Heden.
Niet misschien.
Niet als hij nog vrucht draagt.
Niet als hij eerst jaren volhardt.
Heden zult gij met Mij in het Paradijs zijn.
Dus als iemand zegt: “Een moordenaar kan niet zomaar gered worden”, dan staat hij tegenover de Heere Jezus Christus.
Zie ook: Bijbelse voorbeelden van redding
De massamoordenaar is niet te slecht om gered te worden
Dit is waar veel mensen afhaken.
Zij kunnen nog net accepteren dat een “gewone zondaar” gered wordt. Maar zodra je zegt dat ook een dictator, oorlogsmisdadiger of massamoordenaar gered kan worden, worden ze boos.
Maar hun boosheid verandert het evangelie niet.
De vraag is niet of wij vinden dat zo iemand genade verdient.
Natuurlijk verdient hij geen genade.
Niemand verdient genade.
Dat is precies waarom het genade heet.
“Doch dengene, die niet werkt, maar gelooft in Hem, Die den goddeloze rechtvaardigt, wordt zijn geloof gerekend tot rechtvaardigheid.”
— Romeinen 4:5
Let op die woorden:
Hem, Die den goddeloze rechtvaardigt.
God rechtvaardigt niet de mens die zichzelf eerst acceptabel heeft gemaakt.
God rechtvaardigt de goddeloze die gelooft.
Dus ja, als de slechtste dictator op aarde, met bloed aan zijn handen, werkelijk Jezus Christus gelooft als Degene Die voor zijn zonden gestorven is en opgestaan is, dan wordt hij gerechtvaardigd.
Niet omdat zijn misdaden klein zijn.
Niet omdat God onrechtvaardig is.
Niet omdat slachtoffers er niet toe doen.
Maar omdat Christus’ betaling groter is dan zijn schuld.
Als u dat niet kunt verdragen, dan hebt u moeite met genade.
Want genade betekent dat God redt wie het niet verdient.
En dat geldt ook voor u.
De leugenaar staat in dezelfde lijst
Mensen wijzen graag naar de “ergste” zondaren.
Maar Openbaring 21 trekt de cirkel dicht om iedereen.
“Maar den vreesachtigen, en ongelovigen, en gruwelijken, en doodslagers, en hoereerders, en tovenaars, en afgodendienaars, en al den leugenaars, is hun deel in den poel, die daar brandt van vuur en sulfer; hetwelk is de tweede dood.”
— Openbaring 21:8
Daar staan doodslagers.
Daar staan hoereerders.
Daar staan afgodendienaars.
Maar daar staan ook:
al den leugenaars.
Hebt u ooit gelogen?
Dan staat u niet boven deze lijst.
U staat erin.
Dat is waarom menselijke vergelijking zo dwaas is.
De mens zegt: “Ik ben geen moordenaar.”
God zegt: “Bent u een leugenaar?”
De mens zegt: “Ik ben geen dictator.”
God zegt: “Bent u rechtvaardig zoals Ik rechtvaardig ben?”
De mens zegt: “Ik heb niemand verkracht.”
God zegt: “Hebt u nooit begeerd, gelogen, gehaat, uzelf liefgehad boven Mij?”
Gods standaard is niet: beter dan Hitler.
Gods standaard is: Gods volmaakte gerechtigheid.
Zie ook: God is volmaakt
God redt geen mensen omdat zij minder slecht zijn
Hier gaat religie de mist in.
Religie denkt in gradaties.
Deze mens is dichterbij.
Die mens is verder weg.
Deze mens is bijna geschikt.
Die mens is hopeloos.
Deze mens is vroom genoeg.
Die mens is te vuil.
Maar het evangelie snijdt dat allemaal af.
“Want er is geen onderscheid.”
— Romeinen 3:22
Geen onderscheid.
Dat wil niet zeggen dat alle zonden dezelfde gevolgen hebben op aarde. Een leugen heeft niet dezelfde maatschappelijke gevolgen als moord. Een jaloerse gedachte heeft niet dezelfde aardse straf als genocide.
Maar voor Gods oordeel geldt: allen hebben gezondigd. Allen missen Gods heerlijkheid. Allen hebben redding nodig.
De nette kerkganger is zonder Christus verloren.
De atheïst is zonder Christus verloren.
De hoereerder is zonder Christus verloren.
De moordenaar is zonder Christus verloren.
De religieuze farizeeër is zonder Christus verloren.
En allen kunnen alleen gered worden door Jezus Christus.
“Jezus zeide tot hem: Ik ben de Weg, en de Waarheid, en het Leven. Niemand komt tot den Vader, dan door Mij.”
— Johannes 14:6
Niemand komt tot de Vader door moraal.
Niemand komt tot de Vader door religie.
Niemand komt tot de Vader door verdriet.
Niemand komt tot de Vader door belijdenis.
Niemand komt tot de Vader door doop.
Niemand komt tot de Vader door verbetering.
Alleen door Christus.
Christus betaalde niet half
Het evangelie staat of valt met de volkomenheid van Christus’ betaling.
Als Christus voor alle zonden stierf, dan zijn alle zonden betaalbaar geweest door Zijn bloed.
Als Christus niet voor alle zonden stierf, dan is niemand zeker.
Maar de Schrift zegt:
“Christus is gestorven voor onze zonden, naar de Schriften.”
— 1 Korinthe 15:3
En:
“Maar God bevestigt Zijn liefde jegens ons, dat Christus voor ons gestorven is, als wij nog zondaars waren.”
— Romeinen 5:8
En:
“Welke Zelf onze zonden in Zijn lichaam gedragen heeft op het hout...”
— 1 Petrus 2:24
Christus droeg zonden.
Niet slechts nette zonden.
Niet slechts kleine zonden.
Niet slechts zonden van mensen die later goed zouden presteren.
Hij droeg onze zonden.
Als een gelovige later valt, was Christus niet verrast.
Als een gelovige later schandelijk faalt, was die zonde niet buiten het kruis gebleven.
Als een gelovige later een donkere bladzijde krijgt, dan is die zonde niet sterker dan Christus’ bloed.
Dat praat zonde niet goed. Dat maakt het kruis groot.
“Waar de zonde meerder geworden is, daar is de genade veel meer overvloedig geweest.”
— Romeinen 5:20
Niet een beetje meer.
Veel meer overvloedig.
Zie ook: Is redding alleen door geloof in Jezus Christus?
Eeuwig leven is niet afhankelijk van uw latere reputatie
Er zijn mensen die iemands hele leven achteraf beoordelen en dan zeggen:
“Hij kan nooit gered zijn geweest.”
Waarom?
Omdat er later grove zonde openbaar kwam.
Maar dat is gevaarlijk terrein.
Natuurlijk kan iemand een valse belijder zijn. Natuurlijk zijn er mensen die religieus praten, maar nooit Christus geloofd hebben. Maar de mens kan niet iemands eeuwige bestemming bepalen door achteraf zijn zonden te wegen.
Dat is precies waar veel religieuze systemen op draaien: vruchtinspectie als basis voor zekerheid.
Maar de Bijbel zegt:
“Die in Mij gelooft, heeft het eeuwige leven.”
— Johannes 6:47
Daar ligt zekerheid.
Niet in mijn levensverhaal.
Niet in mijn reputatie.
Niet in wat mensen later over mij vinden.
Niet in mijn mate van zichtbare vrucht.
Maar in Christus’ belofte.
Als iemand werkelijk Christus geloofd heeft, heeft hij eeuwig leven.
“En Ik geef hun het eeuwige leven; en zij zullen niet verloren gaan in der eeuwigheid, en niemand zal dezelve uit Mijn hand rukken.”
— Johannes 10:28
Niet verloren gaan in der eeuwigheid.
Dat is geen zwakke belofte.
Dat is absolute zekerheid.
Zie ook: Als ik eenmaal geloof, kan ik dan nog verloren gaan?
Maar zonde blijft verschrikkelijk
Laat niemand dit artikel misbruiken.
Als u denkt: “Mooi, dan kan ik dus zondigen wat ik wil”, dan toont u hoe verdorven het vlees is.
Zonde is nooit onschuldig.
Zonde verwoest.
Zonde maakt vuil.
Zonde brengt schaamte.
Zonde brengt kastijding over de gelovige.
Zonde rooft vrede, bruikbaarheid, gemeenschap, blijdschap en loon.
Maar zonde verandert de vrije gift van eeuwig leven niet in een tijdelijk contract.
De gelovige wordt niet gered door goed leven. Hij wordt ook niet ongered door slecht leven.
Hij kan wel zwaar gekastijd worden.
“Want dien de Heere liefheeft, kastijdt Hij, en Hij geselt een iegelijken zoon, dien Hij aanneemt.”
— Hebreeën 12:6
God kastijdt Zijn kinderen niet omdat zij geen kinderen meer zijn, maar omdat zij Zijn kinderen zijn.
Een gelovige die in zonde leeft, speelt niet met zijn zaligheid, maar wel met zijn leven, vrede, loon, bruikbaarheid en aardse toekomst.
Zie ook: Na geloof leven als de duivel
De verloren mens heeft een vervaldatum
Dit is de andere kant.
Niemand is te slecht om gered te worden.
Maar niemand heeft eeuwig de tijd om Christus te geloven.
De uitnodiging klinkt nu.
“Ziet, nu is het de welaangename tijd, ziet, nu is het de dag der zaligheid.”
— 2 Korinthe 6:2
Niet morgen.
Niet na uw pensioen.
Niet na uw feestjaren.
Niet na uw bekeringstraject.
Niet na uw religieuze voorbereiding.
Nu.
Een mens leeft alsof hij tijd bezit. Maar hij bezit geen tijd. Hij ademt omdat God hem nog laat ademen.
“En gelijk het den mensen gezet is, eenmaal te sterven, en daarna het oordeel.”
— Hebreeën 9:27
Eenmaal sterven.
Daarna het oordeel.
Geen vagevuur.
Geen tweede kans.
Geen latere herkansing.
Geen mogelijkheid om vanuit de hel alsnog Christus aan te nemen.
Zie ook: Vagevuur of een tweede kans na de dood?
Als u verloren sterft, blijft u verloren
Openbaring 22 zegt:
“Die onrecht doet, dat hij nog onrecht doe; en die vuil is, dat hij nog vuil worde; en die rechtvaardig is, dat hij nog gerechtvaardigd worde; en die heilig is, dat hij nog geheiligd worde.”
— Openbaring 22:11
Dat is huiveringwekkend.
Sterft u vuil, dan blijft u vuil.
Sterft u onrechtvaardig, dan blijft u onrechtvaardig.
Sterft u zonder Christus, dan blijft u zonder Christus.
Maar sterft u gerechtvaardigd door geloof, dan blijft u gerechtvaardigd.
Sterft u met eeuwig leven, dan blijft u leven.
Daarom is dit geen theoretische vraag.
Dit gaat over eeuwigheid.
Over hemel of hel.
Over leven of tweede dood.
Over Christus of eigen schuld.
Zie ook: Wat is de hel?
De uitnodiging is nog open
De Bijbel eindigt met een uitnodiging.
Niet met: “Werk harder.”
Niet met: “Maak uzelf waardig.”
Niet met: “Bewijs eerst dat u uitverkoren bent.”
Niet met: “Stop eerst met alle zonden.”
Niet met: “Word eerst religieus genoeg.”
Maar:
“En de Geest en de Bruid zeggen: Kom! En die het hoort, zegge: Kom! En die dorst heeft, kome; en die wil, neme het water des levens om niet.”
— Openbaring 22:17
Kom.
Neem.
Om niet.
Dat betekent gratis.
Niet goedkoop, want Christus betaalde met Zijn bloed.
Maar gratis voor de zondaar.
“Want uit genade zijt gij zalig geworden door het geloof; en dat niet uit u, het is Gods gave; niet uit de werken, opdat niemand roeme.”
— Efeze 2:8-9
Niet uit u.
Niet uit werken.
Gods gave.
Daarom kan de slechtste mens gered worden.
Want redding rust niet op de mens.
Redding rust op Christus.
Voeg niets toe aan dit evangelie
Wie zegt dat een zondaar eerst moet stoppen met bepaalde zonden om eeuwig leven te ontvangen, voegt werken toe.
Wie zegt dat iemand eerst zijn leven moet bewijzen, voegt werken toe.
Wie zegt dat geloof niet genoeg is, voegt werken toe.
Wie zegt dat Christus wel redt, maar alleen als u daarna goed genoeg volhardt, maakt eeuwig leven afhankelijk van de mens.
Maar de Bijbel zegt:
“Geloof in den Heere Jezus Christus, en gij zult zalig worden.”
— Handelingen 16:31
Dat is helder.
Geloof in Christus.
Niet geloof in Christus plus uw levensverbetering.
Niet geloof in Christus plus uw doop.
Niet geloof in Christus plus uw belijdenis.
Niet geloof in Christus plus uw volharding als voorwaarde.
Niet geloof in Christus plus uw tranen.
Geloof in de Heere Jezus Christus.
Zie ook: Maar je moet toch wel iets doen?
Het evangelie is voor iedereen
Paulus zegt:
“Want ik schaam mij des Evangelies van Christus niet; want het is een kracht Gods tot zaligheid een iegelijk, die gelooft, eerst den Jood, en ook den Griek.”
— Romeinen 1:16
“Een iegelijk.”
Dat woord moet u laten staan.
Een iegelijk die gelooft.
Niet: een iegelijk behalve de ergste zondaren.
Niet: een iegelijk behalve mensen met seksuele zonden.
Niet: een iegelijk behalve atheïsten.
Niet: een iegelijk behalve moordenaars.
Niet: een iegelijk behalve dictators.
Niet: een iegelijk behalve mensen die wij niet kunnen vergeven.
Een iegelijk die gelooft.
Daarom mag niemand de deur smaller maken dan God haar gemaakt heeft.
En daarom mag niemand de deur breder maken dan God haar gemaakt heeft.
De deur is Christus.
“Ik ben de Deur; indien iemand door Mij ingaat, die zal behouden worden...”
— Johannes 10:9
Niet religie.
Niet moraal.
Niet gevoel.
Niet traditie.
Christus.
Wat moet u geloven?
U moet geloven dat u een zondaar bent en dat u uzelf niet kunt redden.
“Want zij hebben allen gezondigd, en derven de heerlijkheid Gods.”
— Romeinen 3:23
U moet geloven dat de straf op de zonde de dood is.
“Want de bezoldiging der zonde is de dood...”
— Romeinen 6:23
U moet geloven dat Jezus Christus voor uw zonden gestorven is, begraven is en opgestaan is.
“Dat Christus gestorven is voor onze zonden, naar de Schriften; en dat Hij is begraven, en dat Hij is opgewekt ten derden dage, naar de Schriften.”
— 1 Korinthe 15:3-4
U moet geloven dat Hij eeuwig leven geeft aan wie in Hem gelooft.
“Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Die in Mij gelooft, heeft het eeuwige leven.”
— Johannes 6:47
Niet hopen.
Niet proberen.
Niet afwachten.
Geloven.
God op Zijn Woord nemen.
Christus vertrouwen als uw Zaligmaker.
Zie ook: Hoe kom ik in de hemel?
De grootste zonde is Christus verwerpen
De hel zal vol zijn met mensen die zichzelf vergeleken met anderen.
“Ik was geen moordenaar.”
“Ik was geen dictator.”
“Ik was geen verkrachter.”
“Ik was geen crimineel.”
“Ik was best netjes.”
“Ik geloofde wel dat er iets was.”
“Ik ging naar de kerk.”
“Ik deed mijn best.”
Maar de beslissende vraag is niet of u beter was dan de slechtste mens op aarde.
De beslissende vraag is:
Wat hebt u gedaan met Jezus Christus?
Wie zich afvraagt hoe kom ik in de hemel, moet daarom niet beginnen bij de diepte van zijn eigen zonde, maar bij de volheid van Christus’ betaling.
“Die den Zoon heeft, die heeft het leven; die den Zoon van God niet heeft, die heeft het leven niet.”
— 1 Johannes 5:12
Dat is de scheiding.
Niet goed en slecht.
Niet religieus en niet-religieus.
Niet zware zondaar en lichte zondaar.
Maar:
De Zoon hebben of de Zoon niet hebben.
Christus geloven of Christus verwerpen.
Eeuwig leven of geen leven.
Voor de gelovige: schaam u niet voor dit evangelie
Als u gered bent, hebt u geen kleine boodschap ontvangen.
U hebt de enige boodschap die zondaren kan redden.
Niet psychologische troost.
Niet religieuze vaagheid.
Niet “iedereen moet zijn eigen waarheid vinden”.
Niet “we hopen dat het goedkomt”.
Maar:
Christus stierf voor onze zonden.
Hij is begraven.
Hij is opgestaan.
Wie in Hem gelooft, heeft eeuwig leven.
Daarom zegt Paulus:
“Ik schaam mij des Evangelies van Christus niet...”
— Romeinen 1:16
Een gelovige heeft geen recht om het evangelie te verstoppen omdat mensen het aanstootgevend vinden.
Natuurlijk is het aanstootgevend.
Het zegt tegen de nette mens dat hij verloren is.
Het zegt tegen de religieuze mens dat zijn werken hem niet redden.
Het zegt tegen de zware zondaar dat hij niet eerst zichzelf hoeft op te knappen.
Het zegt tegen de trotse mens dat hij niets kan bijdragen.
Het zegt tegen iedereen dat Christus de enige Weg is.
Dat is precies waarom het evangelie gebracht moet worden.
Slot: niemand is te slecht, maar niemand is veilig zonder Christus
Niemand is te slecht om gered te worden.
Niet de atheïst.
Niet de hoereerder.
Niet de homoseksueel.
Niet de leugenaar.
Niet de moordenaar.
Niet de dictator.
Niet de massamoordenaar.
Niet de religieuze huichelaar.
Niet de mens die zijn leven totaal verwoest heeft.
Maar niemand is veilig zonder Christus.
Uw zonden zijn niet te groot voor Christus.
Maar uw ongeloof laat u verloren.
Uw schuld is niet sterker dan Zijn bloed.
Maar als u Hem verwerpt, blijft u in uw schuld.
Uw verleden kan zwart zijn.
Maar Christus’ betaling is volkomen.
“Die in Mij gelooft, heeft het eeuwige leven.”
— Johannes 6:47
Dat is de belofte van Jezus Christus.
Geloof Hem.
Niet morgen.
Nu.
Lees verder
Moet ik iets doen om gered te worden, of geloven wat Christus gedaan heeft?